Ben Harsta

Op 12 maart 1937 laat Ben Harsta zich op de wereld zetten. Hij groeit op in het rustige, Twentse dorp Wierden dat onder de rook van Almelo ligt. Zijn speelterrein is de Appelhofstraat, de weiden en de bossen rondom het dorp.

1960 – 1970, Ben Harsta-pijl (in licht, normaal en vet) overal gebruikt waar het mooi en / of nodig was

Vormgever uit de ‘weide wereld’
Ben Harsta: “Het dorp was mijn speelterrein. Ik ontdekte dat je de stoepranden kon gebruiken voor allerlei spelletjes. Met mijn vrienden bouwde ik hutten in het bos. Ik genoot van de warme zonnestralen in het voorjaar als ik langs de slootkanten van de lentegroene weiden slenterde. Met mijn vriendjes ging ik op avontuur en nieuwsgierig zochten we naar vissen, vogels en mooie stenen, takken, kogels en scherven van tegels. Ik was vergroeid met het dorp en de natuur. Toen ik een jaar of tien was, nam mijn oudste broer, Wim, mij mee naar een tentoonstelling van Vincent van Gogh in het Rijksmuseum in Enschede. Van Gogh schilderde onderwerpen die ik kende maar die er toch heel anders uit zagen. Hij keek anders naar de wereld. Ik begon Tolstoj en Tsjechov te lezen en merkte dat ook schrijvers de dingen soms anders zagen. Ik raakte geïnteresseerd in klassieke muziek en later popmuziek. Ik hoorde dat musici emoties konden verbeelden in klanken.”

Op zoek in Nederland
“In mijn puberteit werd ik ontzettend verlegen en daardoor had ik weinig sociale contacten. Door dat gemis ontdekte ik de kracht van samenwerken. Achteraf gezien, waren dit de elementen die mij gevormd hebben. Ik was 23 toen ik naar de kunst-academie in Enschede ging. Een laatbloeier dus, maar wel een met de nodige ervaring. Na de academie bezocht ik creatieve plekken zoals Rotterdam, Finsterwolde, Parijs en Amsterdam. Ik ging naar optredens van Peter Schat, ik keek rond in het Stedelijk Museum en ik kwam veel in de Brakke Grond. Zoals ik vroeger over de weilanden zwierf zo trok ik nu door Nederland. Terug in Twente werd ik sociaal actief en lid van talloze commissies en besturen. Jaren heb ik samen met de directeur van de openbare bibliotheek in Almelo, Rie van der Saag en later Jan Krol, samengewerkt om onze culturele doelen te bereiken. Ik organiseerde spraakmakende exposities van onder andere Almelose kunstenaars in de Waag in Almelo. Ik maakte ready-made kunst en grafisch werk. De muurtjes en stoepranden uit mijn jeugd gebruikte ik als inspiratiebron voor mijn speelplekkenontwerpen in de stad. Ik gebruikte mijn creativiteit om mensen uit hun vaste patronen te halen. Het maakte mij niet uit of ik daarvoor de ruimtelijke vormgeving gebruikte of het platte vlak of een vlammend betoog afstak in een commissie. Ik wilde de communicatie tussen mensen op gang brengen zodat ze met elkaar gingen praten. Ik wilde mensen deconditioneren zodat zij meer kansen zouden krijgen”.

 Vastgeroest en gedeconditioneerd
“Ik liet mij inspireren door de wereld om mij heen. Mijn creativiteit kreeg daardoor een voedingsbodem. De grafische en ruimtelijke vormgeving werden ‘mijn gereed-schappen’. Het lijkt alsof ik mijn talenten heb versnipperd maar zo voelt het niet. Het beheersen van verschillende disciplines is voor mij een verrijking. Grafische vormgevers werken steeds vaker samen met andere disciplines. Ik heb mij destijds op de oostelijke provincies gericht omdat kunst en vormgeving, in het westen, al veel meer ingeburgerd waren. In het oosten werd grafische vormgeving vaak nog gezien als een vorm van kunst: vaag en onbegrijpelijk. Gelukkig is er in Twente veel veranderd hoewel ik nog steeds op vastgeroeste ideeën stuit. Maar ik ben tevreden met de functies die ik in Hattem en deze regio heb. Ik ben tevreden met de dingen die ik heb gedaan.”

1960 – 1970, Affiche Kunstkring De Waag, Almelo

Twente was, geografisch gezien, tot ver in de vorige eeuw een geïsoleerd gebied. De IJssel in het westen en slechte verbindingen naar het noorden en zuiden. Twentenaren waren op zichzelf en de textielindustrie aangewezen. Het dagelijks leven draaide om de familie en plaatsgenoten. In zo’n kleine gemeenschap werd gewerkt, gewoond en de cultuur beleefd. Elk dorp had een vereniging en nergens vind je zoveel harmonie- en fanfareorkesten als in Twente. Het culturele klimaat werd bepaald door de amateur en maar weinigen konden van de kunst en de vormgeving hun beroep maken. 

Ondergang textiel, opbloei cultuur 
Na de Tweede Wereld Oorlog bloeide de textielindustrie in Twente weer op. Twente verstedelijkte in een rap tempo en samen met de nieuw verworven welvaart zou dit een goede basis kunnen vormen voor een nieuw cultureel elan in de regio. Maar in de jaren zestig en zeventig verdween de textielindustrie naar de lagelonenlanden en liet een desolate samenleving van werklozen achter. Kunst en vormgeving was wel het laatste waar de mensen aan dachten. De overheid voelde zich geroepen om een helpende hand te bieden en gaf Twente een Technische Universiteit en ontsloot de regio met de aanleg van de A1. In Twente ontstond een hoogopgeleide bevolkingsgroep en de vraag naar een gevarieerd cultuuraanbod nam sterk toe. Ook op cultureel gebied liet de overheid zich niet onbetuigd. Na de Tweede Wereld Oorlog konden kunstenaars een beroep doen op de Contraprestatieregeling, later bekend als de BKR. Enschede kreeg geld om in 1950 een kunstacademie (AKI) op te richten. Architecten als Pieter Blom en Jan Hoogstad kregen de mogelijkheid om spraakmakende architectuur neer te zetten. In 1958 werd het Muzieklyceum geopend dat in 1972 overging in het Conservatorium.

1960 – 1970, Huisstijl Bosch Beton Bouwmaterialen, Vriezenveen – Verpleeghuis
‘Het Meulenbelt’, Almelo – Drentse Vervoermaatschappij, Meppel – Tiemstra aannemer, Nijmegen – Kroon meubels, Almelo – Looms & Alberts, zwaar transport/kraanbedrijf, Almelo

“Dat wil ik ook.”
Ben Harsta: “Ik was gefascineerd door de ontwikkelingen in de vormgeving en de stromingen in de kunst zoals COBRA en de Nul-beweging. Ik ging naar plekken waar nieuwe kunstontwikkelingen zich aandienden. Ik bezocht musea, theaters, tentoon-stellingen en ik las intrigerende wereldliteratuur. In Groningen was inmiddels een bloeiende kunstenaarsscene ontstaan waarvan Finsterwolde en boer en galeriehouder Waalkens wel de bekendste is. Kunstenaar en goede vriend Hans de Vries ging er zelfs wonen. Zoiets wilde ik in de regio Almelo ook realiseren. Mijn studio werd mijn persoonlijke smeltkroes waar ik naar hartelust allerlei kunstuitingen probeerde te combineren. De resultaten verwerkte ik weer in mijn grafische werk en 3D vormgeving.” In 1976 namen een aantal kunstenaars van de AKI het initiatief om de Enschedese School op te richten. In 1984 werd de eerste Fotobiennale georganiseerd. Gemeenten veranderden hun cultuurbeleid en scholen gaven vrijere tekenlessen. Twente werd opgestuwd in de vaart der volkeren en het klimaat voor de vormgever werd een stuk aantrekkelijker. In 1985 kreeg Enschede een vernieuwde schouwburg en in 1988 een Muziekcentrum. Rond de millenniumwissel had de professionele kunst in Twente wortel geschoten.

1960 – 1970, Affiche Kunstkring De Waag, Almelo
1960 – 1970, Fonteinen ‘Spirantijn’, Stadhuis Almelo / Ready-made ‘Chroompositie’, Gemeentehuis Wierden

De Doorbraak
Op 19 april 1969 schreef de invloedrijke journalist Thomas Vos een artikel over het werk en de ideeën van Ben Harsta in het Dagblad van het Oosten. Naar aanleiding van dat artikel werd Ben Harsta gevraagd door kunstminnende, Almelose notabelen om in het bestuur van Kunstkring de Waag zitting te nemen. Ben Harsta: “Dat leverde mij heel veel contacten op waaruit nieuwe samenwerkingsverbanden ontstonden.”
In 1964 studeerde Ben Harsta af aan de kunstacademie in Enschede. Destijds werd een vormgever in Oostnederland gezien als een soort kunstenaar. In het westen stonden grafische vormgeving en kunst veel verder van elkaar. Ben’s Randstedelijke collega’s keken daarom wel eens vreemd naar zijn grafische werk. Desondanks durfde de GVN (Grafisch Vormgevers Nederland) het aan om Ben Harsta en zijn medewerker Wim Slothouber een verenigingsbulletin te laten maken. Het duo maakte hun reputatie waar want het bulletin werd nooit uitgegeven vanwege de onconventionele vormgeving en inhoud. Ben Harsta: “Ondanks de verbetering van het culturele klimaat waren Twentse opdrachtgevers huiverig om Twentse vormgevers in te schakelen. Opdrachtgevers wilden wel graag aan het nieuwe elan deelnemen maar op een veilige manier. Zij haalden liever vormgevers van naam uit het westen dan uit Twente. In mijn rol als bestuurder heb ik daar gelukkig het één en ander aan kunnen doen. Zo heb ik verschillende Culturele Raden kunnen bewegen om ook aan Twentse kunstenaars meer aandacht te besteden.”

1960 – 1970, Kunststof beursstand in Keulen / Texas Instruments, Almelo
1970 – 1980, Huiisstijl en routing Streekziekenhuis, Winterswijk

Veel mensen zijn het er over eens dat Ben Harsta aardig en sociaal is. Logisch, want hij zet zich belangeloos en tomeloos in voor commissies, stichtingen, werkgroepen, raden, organisaties, belangengroepen, advies- en selectiecommissies, enz.., enz.. Voor een meer genuanceerd beeld van Ben Harsta zorgen zijn vrouw Marlene en zijn voormalige ontwerppartner Remco Crouwel.

Marlene Harsta
Marlene Harsta: “Ruim 45 jaar ben ik met Ben getrouwd en ik zou Ben willen omschrijven als opvliegend, autoritair, ijdel, koppig en vooral erg Fries. Maar hij is ook bevlogen, idealistisch, vooruitstrevend, links en sociaal. Zijn hele familie is met het ‘sociale gen’ uitgerust. Vormgeven heeft hij geleerd. Vormgeving is voor Ben een manier om geld te verdienen en om zijn idealen te realiseren. Maar begrijp mij goed, de drang om vorm te geven zit bij Ben heel diep. Gedreven en overenthousiast verzint hij concepten en vormen die hij met verve kan presenteren. Kritiek hoeven de toeschouwers niet te leveren want Ben heeft altijd gelijk. Ondanks dat hij inmiddels de zeventig is gepasseerd, borrelen er elke dag vele nieuwe ideeën naar boven. Ik vind dat vermoeiend en zou wel eens zonder zijn werk de dag door willen komen”. “Zijn interesse in de medemens is onvergelijkelijk. Zijn trouw aan mensen is bijna legendarisch. Maar zijn grootste prestaties heeft hij een paar jaar geleden geleverd toen hij rigoreus de drank afzwoer en flink is afgevallen.”

1980 – 1990, Overleg op de studio Harsta Crouwel BNO met enige medewerkers, Almelo v.l.n.r. Remco Crouwel, Jet Krüger, Ben Harsta, Marcel Hein

Remco Crouwel
In de periode van 1986 tot 2002 vormden Remco Crouwel en Ben Harsta de maatschap Harsta Crouwel BNO. Remco: “Na mijn eindexamen van de kunstacademie zag ik in de Geïllustreerde ledenlijst van de GVN de ‘pijl van Ben’. Die pijl intrigeerde mij en ik heb toen contact gezocht met de maker. In 1986 zijn Ben en ik gaan samenwerken. Ik leerde Ben kennen als een uitgesproken mens. Alles deed hij met enorm veel enthousiasme en betrokkenheid. Naast zijn werk als grafisch vormgever is hij vooral een conceptenmaker. Als Ben een concept had bedacht dan was voor zijn gevoel het halve werk al gedaan. Voor mij begon dan pas het werk. Ik hou van een degelijke uitwerking waarbij het concept niet altijd op de voorgrond hoeft te treden. Ben vindt dat een concept duidelijk in het ontwerp zichtbaar moet zijn. Ben is iemand van het grote gebaar en ik ben meer van de details. Ben is zeer sociaal, ik niet. Ben ging er op uit en praatte, ik bleef in de studio en stuurde onze medewerkers aan. Ben heeft ook overal een mening over en hij vindt dat hij altijd gelijk heeft. Gek genoeg had hij ook vaak gelijk maar ondanks zijn verbale vaardigheden, bracht hij zijn gelijk niet altijd even diplomatiek. Ben was ook niet te beroerd om voorzitters van bestuur en andere opdrachtgevers op hun ongelijk te wijzen. Dat viel natuurlijk niet altijd goed en daar begreep hij soms niets van. Ik heb met Ben ook talloze malen felle discussies gevoerd maar dat verstevigde uiteindelijk onze band. In zulke omstandigheden was hij uitgesproken; sociaal, koppig, voor zijn gelijk strijdend en loyaal. Ben is een generalist, hij realiseerde zijn concepten in 2D, 3D, theater of vermengde ze met politieke elementen en dat leverde vaak hele verrassende resultaten op. Maar soms werd ik gek als vlak voor een presentatie de generalist annex kunstenaar in hem boven kwam en hij nog ‘even iets wilde toevoegen of omgooien’. Desondanks hebben we hele mooie projecten gedaan waarvan de huisstijl van Naturalis in Leiden wel één van de hoogtepunten vormde. Op vele punten waren we elkaars tegenpolen maar door zijn liefde voor mensen, zijn loyaliteit, zijn enorme trouw en sociale gevoel werkte onze combinatie goed.”

1990 – 2000, Huisstijl Nationaal Natuurhistorisch museum Naturalis, Leiden – Ambré, Enschede – Aldus bouwinnovatie, Utrecht – Arconiko Architecten, Rotterdam

In de loop der jaren bedacht Ben Harsta talloze ruimtelijke concepten zoals in 1968 de Spirantijn (fonteinontwerp voor de stadsgracht in Zwolle). In 1969 de kunstkritiekzuil waarmee hij zelfs in de NRC kwam. In 2002 opperde hij een idee voor een cultuur-historisch landschapspark rondom het kanaal Almelo-Nordhorn en ontwierp hij, samen met André Bijkerk (landschapsarchitect) in 2009, een ruimtelijk en avontuurlijk schoolplein voor de Brede buurtschool (Eninver) in Almelo.

1980 – 1990, Huisstijl en speelplein Schippersinternaat, Zwolle

Groeiende ideeën in krappe budgets
Mevrouw Henrike Nijman is de coördinator van de Brede buurtschool die uit drie basisscholen bestaat en een netwerk van organisaties die zich richten op kinderen tot 12 jaar. De Brede buurtschool wil kinderen een goede leeromgeving bieden die vrij is van negatieve invloeden en kinderen uitdaagt om creatief te zijn. Mevrouw Nijman: “We wilden voor onze leerlingen een bord laten vormgeven met de huisregels. Eén van onze schooldirecteuren, Bas Halfwerk, kende Ben Harsta. Ik heb toen contact met Ben gezocht. Al gauw ontdekte ik dat Ben een generalist is. Hij denkt ‘out of the box’ en geeft zijn creativiteit de ruimte. Het leek ons een aantrekkelijk idee om Ben en André Bijkerk ons schoolplein te laten ontwerpen. Ben laat zijn ideeën groeien en vindt het geen enkel bezwaar als zijn ideeën groter worden dan het beschikbare budget.

Dat betekende dat Ben’s ideeën wel eens ‘bijgesneden’ moesten worden en dat vond hij niet altijd leuk. Ook vormden de wettelijke veiligheidseisen voor kinderspeelplekken geen belemmering voor Ben’s creativiteit en moest ik praten als Brugman om zijn ontwerp binnen de wettelijke kaders te houden. Zijn creativiteit werd ondersteund en aangevuld door zijn kennis van allerlei praktische zaken waardoor het eindresultaat heel bruikbaar is geworden. Het ontwerp, met veel groen en water, krijgt een extra dimensie omdat het van gerecyclede materialen is gemaakt. Ben is buitengewoon betrokken bij het project en wat ik heel erg waardeerde, was dat hij de ouders bij zijn ontwerp betrok en hij hun suggesties in het ontwerp verwerkte. Zijn grenzeloze creativiteit, zijn inzet en zijn sociale instelling werkten heel stimulerend. Maar je moet als opdrachtgever wel heel goed weten wat je wilt en je niet omver laten praten door zijn tomeloze gedrevenheid.”

1980 – 1990, Promotieboek Almere Poort, Almere
1990 – 2000, Jaarverslag OPG, Utrecht – Jaarverslag Koninklijke Ten Cate, Almelo

Vormen van een passie
Ben Harsta’s voorliefde voor architectuur komt duidelijk tot uiting in zijn eigen huizen. Zijn zoon Atto had ooit stage gelopen bij Ir. Frido van Nieuwamerongen (van geboorte Twentenaar) van het architectenbureau Arconiko in Rotterdam. Arconiko heeft twee huizen voor Ben Harsta ontworpen. Het eerste was een voormalig pakhuis in Almelo (Rijksmonument) dat verbouwd werd tot studio en woonhuis. Het tweede huis was een reanimatieproject in Hattem. Architect Van Nieuwamerongen: “Het is voor een architect heerlijk om met iemand als Ben samen te werken. Hij is gedreven en hoewel het budget krap was, deed hij nauwelijks concessies aan het ontwerp. Hij is niet een terughoudende Twentenaar maar iemand die er vol in gaat”. “Ik kwam Ben in 1995 tegen toen zijn zoon bij ons bureau stage liep en ik heb hem leren kennen als een integere conceptdenker die mensen voor zich kan winnen. Ben laat zich niet vangen in het hokje van grafische of ruimtelijke vormgever. Zijn ideeën kunnen net zo goed vorm krijgen in het theater of op straat of in druk of in de politiek. Hij laat zich zelden door tegenargumenten van opdrachtgevers van de wijs brengen. Voor ontwerpers die hij respecteert, is hij flexibel en ik vind het een feest om met hem te werken.

Ben is echter naar iedereen toe ongeduldig. Als het concept er is, moet de uitvoering niet te lang op zich laten wachten.” “Ben wil zich graag manifesteren. Hij woont nog maar een paar jaar in Hattem en heeft inmiddels met iedereen kennisgemaakt, ook heeft hij al heel wat functies gekregen. Hij is een sociaal bewogen mens en je kunt hem ook in het hokje van de wereldverbeteraar stoppen. Soms nemen zijn ideeën zo’n bijzondere vlucht dat het goed is dat zijn vrouw hem weer met beide benen op de grond zet. Zijn passie is cultuur en de vorm is zijn uitdaging.”

1990 – 2000, Huisstijl en routing waterschap Regge en Dinkel, Almelo

In de jaren zestig begon het in Enschede te borrelen maar Ben Harsta besloot zijn inspiratie elders te halen. Vijf jaar duurde zijn ontdekkingstocht voordat hij zijn ideeën in de gemeenschap kon zetten. In 1969 begon hij aan een serie spraakmakende tentoonstellingen in de Waag van Almelo. In 1972 werd hij lid van de Belangengroep Almelose Kunstenaars (BAK) en kreeg hij een stevige vinger in de culturele pap van Almelo. In de jaren zestig werd hij lid van de PvdA, samen met de toenmalige directeur van de Almelose bibliotheek Rie van der Saag om het culturele klimaat in de regio Almelo te verbeteren. In de daarop volgende periode realiseerde Ben Harsta heel veel ideeën. In de jaren tachtig kwam de stormachtige ontwikkeling van de kunst in Overijssel in rustiger vaarwater en groeide Harsta Crouwel BNO uit tot een landelijk opererend bureau. Ook het culturele leven veranderde. Zo sloop er in de jaren negentig een economische component in de cultuur. Kunst mocht geld kosten als het maar wat opleverde. Tegenwoordig is het economisch/financiële aspect zo belangrijk geworden dat het vervlakking in de hand werkt.

1990 – 2000, Huisstijl inclusief interieur Stedelijk Museum, Zutphen

Een gedreven vormgever
Ben Harsta groeide op in een traditionele samenleving waar iedereen zijn plaats kende en waar de regels duidelijk waren. Hij ontpopte zich als een gevoelsmens, creatief, sociaal en verlegen die desondanks graag wat voor mensen wilde betekenen. Ben Harsta: “Door mijn verlegenheid maakte ik moeilijk contact en dat vond ik een enorme handicap want ik wilde met anderen samenwerken om mijn ideeën te kunnen realiseren”. Rigoreus nam hij afscheid van zijn verlegenheid en leerde hij hoe hij zijn andere karaktereigenschappen kon aanwenden om veranderingen te bewerkstelligen. Zijn imposante postuur, zijn gedrevenheid, zijn integriteit, zijn kennis, zijn creativiteit, zijn overtuigingskracht, zijn sociale kant, zijn eigenzinnigheid, zijn tomeloze enthousiasme en grenzeloze energie waren de beste ingrediënten die men zich maar kan wensen om gevestigde ideeën te veranderen. Zijn gereedschap werd zijn creativiteit, de kunst en de vormgeving.

2000 – 2010, Ontwerp en realisatie buurt-speelplein ‘Eninver’, Almelo

In het westen van Nederland waren in de jaren zestig al heel wat heilige huisjes omver gegaan en stonden kunstenaars veel dichter bij het grote publiek. Dit waren ontwikkelingen die Ben graag in Twente wilde introduceren. Ben: “Ik wilde de traditionele levenswijze in Overijssel niet omver gooien maar ik wilde mensen kansen bieden door hen een andere kijk op de wereld te geven”. Ben Harsta begon zijn kruistocht in Almelo omdat het culturele klimaat daar abominabel was en de gemeenteraad nauwelijks enig visie op cultuur, recreatie en kunst had. In ‘werktijd’ bouwde hij zijn vormgeversbureau verder uit. Er kwam personeel en in 1985 ontstond de vormgeversmaatschap Harsta Crouwel BNO. Ben Harsta: “De zestien jaar durende samenwerking met Remco bracht een verdieping en verbreding van ons grafische werk. Nog steeds werken we, incidenteel, samen. Het was voor mij een bijzondere periode waarin ik Remco heb leren kennen als een geweldige ontwerper en een boeiend mens.” Nu kan de kwaliteit van de vormgeving in Overijssel moeiteloos concurreren met die in het westen. Toch geven opdrachtgevers nog steeds de voorkeur aan bekende namen uit de Randstad. Het nieuwe doel van Ben Harsta is om de vormgevers uit Overijssel en Gelderland een kans geven ook op landelijk niveau te werken.

2000 – 2010, Affiche campagne waterschapsverkiezing, Gelderland
2000 – 2010, Eindrapport vuurwerkramp, Enschede

Ben Harsta’s naamsbekendheid, gecombineerd met zijn karaktereigenschappen en kennis, zorgde er voor dat hij heel veel heeft kunnen doen voor het vormgevingsklimaat in het oosten. Daarbij komt dat hij de tijd mee had. De overheid investeerde in het Twentse culturele leven waarin vele amateurs artistieke aspiraties koesterden. Ben’s ideeën vielen op een vruchtbare aarde. In 2011 doet het culturele klimaat in Overijssel niet onder voor andere regio’s in Nederland. Overijssel is de enige provincie die de komende jaren niet op cultuur en kwaliteit wil bezuinigen. Ben Harsta heeft mensen anders leren kijken. Ben Harsta heeft mensen kansen gegeven. Ben Harsta gaf het Twentse culturele leven een vorm.

2000 – 2010, Ansichtkaart huis (Arconiko Architecten), Ben en Marlene Harsta, Hattem
met gebruikmaking van huisstijl elementen RTV-Hattem. Fotografie: Luuk Kramer, Amsterdam

Auteur: Jan W. Groot, maart 2011
Eindredactie: Sybrand Zijlstra
Portretfoto: Aatjan renders

Ben Harsta wilde de mensen noemen die een belangrijke rol in zijn leven en carrière speelden: Henk Jukkema / Wim Slothouber / Peter Elbertse, Henk Ossewaarde en Marien Stoel (in samenwerkingsverband) / Marcel Hein / Jet Krüger / Greetje Steffens / Hans Hendriks / Maarten Bos, Jan van Elsberg, Marja Rutgers, Ireen de Kok en Wil Rombouts (in samenwerkingsverband) / André Bijkerk, Meint Bosma, Bas Slatman (TULODI) / Agnes Meijer / Annie en Ben Hoekman / Adriande Uspessy, Filiep Manger (in samenwerkingsverband ‘Zet Door’!) / Ben Eijs / Marlene Harsta